De moord op President Kennedy – deel 14: Rennend door het Schoolboekengebouw: Marrion Baker en Roy Truly op 22 november 1963

9 maart 2025 Uit Door Paul Th. Kok

Leestijd: 10 minuten

Leeswijzer: Samen met de onderschriften geven de afbeeldingen de essentie van dit verhaal weer.

Dallas 22 november 1963: Het filmpje van Malcolm Couch

Malcolm Couch was een bijna afgestudeerde student theologie, die parttime werkte bij een Dallas tv station. Hij had op 22 november 1963 de aankomst van president Kennedy op het vliegveld van Dallas gefilmd en reed vervolgens mee in de stoet die door Dallas trok. De auto waarin hij zat, bevond zich nog op Houston Street op korte afstand van de afslag naar Elm Street, toen hij het derde schot hoorde. Dat schot betekende het einde van Kennedy’s leven. Jackson, die naast Couch zat, riep: “Kijk daar boven in het raam. Daar is het geweer.” Couch keek die kant op en zag nog net dat iets dat op de loop van een geweer leek, terug werd getrokken. Hun auto was toen nog zeven meter van de bocht naar Elm Street verwijderd.

Afbeelding 1: CE 722 (17H p. 504) – Gezicht op Houston Street. Op de voorgrond de bocht van 60 graden die de auto van Kennedy, komend van Houston Street, moest nemen om naar Elm Street te rijden. Door deze scherpe bocht moest de auto langzaam rijden.

Vanuit de auto kon hij de zuidkant van het zgn. Schoolboekengebouw zien, waar de schutter zou zitten. Hij begon te filmen toen zijn auto de bocht naar Elm Street begon te maken:

“Nou, ik pakte mijn camera. Ik had hem in mijn hand, maar hij lag beneden tegen mijn been aan. Ik pakte hem op, bepaalde snel waar ik hem op moest richten en bracht het voor mijn oog. En – uh – je kunt op mijn film zien dat we net de bocht nemen [naar Elm Street]. Als we de bocht om gaan kun je mensen zien rennen. Ik herinner me dat er een korte opname is van de ingang van het Schoolboekengebouw. Je kunt mensen zien rennen en je kunt de eerste drie auto’s, misschien vier, voor me zien, als we de bocht om zijn gegaan.”

Bron: Bijlagen Warren Report, deel 6, p. 158; verhoor op 1 april 1964; link filmpje: https://youtu.be/bIdbO3S2J6o

Howard Roffman schatte in zijn boek uit 1975 dat Couch tien seconden na het derde schot begon te filmen. Daarbij zitten inbegrepen de paar seconden dat hij naar het Schoolboekengebouw keek en (mogelijk) de geweerloop zag. Afgaande op wat Couch tijdens zijn verhoor daarover zei (zie de eerste twee zinnen van het citaat hierboven), lijkt dat een redelijke schatting.

Motoragent Marrion Baker reed achteraan in de stoet auto’s die president Kennedy door Dallas volgden. Toen hij vlak bij het Schoolboekengebouw was aangekomen, hoorde hij op Dealey Plaza drie geweerschoten en vanwege de vele duiven die plotseling opvlogen, dacht hij dat de schutter daar mogelijk ergens op het dak zat. Hij gaf extra gas, reed naar het  Schoolboekengebouw, parkeerde de motor op 15 meter afstand van de hoofdingang en rende naar het gebouw.

Elf seconden nadat Couch begon te filmen, is Baker met enige moeite in het filmpje te zien als hij achter een auto langs rent naar de ingang van het Schoolboekengebouw. Rennend zal Baker nog hooguit vier seconden nodig hebben gehad om bij de trappen van het gebouw te komen. Even rekenen: na het derde schot gaf Baker gas en tien seconden na dat schot begon Couch te filmen. Elf seconden na het begin van het filmpje is Baker in beeld en al bijna bij de stoep voor het gebouw. Vier seconden later is hij bij de ingang. Baker had dus 25 seconden nodig om de ingang te bereiken.

De gebrekkige reconstructie op 20 maart 1964

De manager van het gebouw, Roy Truly, draafde daarna samen met Baker door het gebouw naar de trap. Op de eerste verdieping ontmoetten zij Lee Harvey Oswald in de lunchroom. Volgens het Warren Report (het rapport van de commissie die de moord op Kennedy onderzocht) had Oswald op Kennedy geschoten en was hij daarna de trap af gerend en kwam hij net voor Baker en Truly in de lunchroom. De vraag is nu of dat had gekund. Als Oswald daar meer tijd voor nodig had gehad dan Baker en Truly, was hij onschuldig. Daarom voerde David Belin namens de Warren Commissie op 20 maart 1964 een reconstructie uit, waarbij de route van Baker en Truly werd overgedaan, dit keer begeleid door Belin en zijn stopwatch. De reconstructie (zie deel 10 van deze serie) werd echter zeer slordig uitgevoerd. Zo rekende men slechts 15 seconden voor het eerste deel van de route van Baker. Met behulp van Couch’s filmpje corrigeerde Roffman dit tot 25 seconden.

Op de stoep voor het Schoolboekengebouw

Volgens het Warren Report was er bij Belin’s reconstructie geen rekening gehouden met het al rennend opzij duwen door Truly en Baker van mensen die voor de ingang van het gebouw stonden. Dat zou hen wat hebben opgehouden. Nu kan dat deels al verwerkt zijn in de vier seconden die we Baker geven om de ingang van het gebouw te bereiken. Maar volgens  Truly maakte het opzij duwen qua tijd geen verschil:

Truly: “We probeerden om – we moesten een paar mensen opzij duwen om in het gebouw te komen de vorige keer [op 22 november] en we renden mogelijk niet zo snel in het begin.”

Belin: “Wilt u dat nog een keer zeggen?”

Truly: “Ik zei dat toen de agent en ik naar binnen renden, we voor het gebouw mensen opzij duwden, dus werden we toen [op 22 november] mogelijk een beetje meer opgehouden dan toen hij en ik op 20 maart naar binnen gingen. Ik geloof van niet. Maar het zou niet zo veel zijn dat het iets uitmaakt.Bron: Bijlagen Warren Report, deel 3, p. 228; cursivering toegevoegd; verhoor op 24 maart 1964.

Afbeelding 2: Hoofdinspecteur Will Fritz (op de trap) en agent Elmer Boyd (met geweer) verlaten op vrijdagmiddag 22 november 1963 het Schoolboekengebouw. De trap voor de ingang telde zeven treden. Baker en Truly renden de treden op, waarvoor we twee seconden rekenen. Zo te zien zou Fritz die twee seconden niet hebben gehaald. Foto door William Allen.

Baker’s entree maakte geen enkele indruk op de mensen die op de treden voor de ingang stonden. Joe Molina noch Bull Frazier (beiden collega’s van Oswald) hadden Baker gezien.

Ball: “Zag u meneer Truly het gebouw binnen gaan?”

Molina: “Ja.”

Ball: “Waar was u toen u hem het gebouw binnen zag gaan?”

Molina: “Ik stond bij de ingang.”

Ball: “Zag u een politieagent bij hem in de buurt?”

Molina: “Ik zag geen politieagent. Ik herinner me niet een politieagent te hebben gezien, maar ik zag Truly wel naar binnen gaan.”

Ball: “Zag u een politieagent met een witte helm op een gegeven moment bij de ingang?”

Molina: “Nou, er kan natuurlijk wel een agent zijn geweest nadat ze het gebouw afsloten, weet u.”

Bron: Bijlagen Warren Report, deel 6, p. 372; verhoor op 7 april 1964.

Baker moet met zijn witte helm toch wel zijn opgevallen. Het is raar dat Molina hem niet had gezien. Mogelijk kwam dat omdat de trap vrij breed was, met zelfs een leuning (zie Afb. 2) in het midden. Maar je mag aannemen dat, als Baker op ruwe manier mensen opzij had geduwd, Molina hem zeker zou hebben opgemerkt. Bull Wesley Frazier had Baker evenmin gezien, terwijl hij minuten lang na de schoten was blijven staan op de één na hoogste trede voor de ingang van het gebouw. Ball vroeg hem of hij een agent naar binnen had zien gaan. “Niet dat ik weet. Ze konden langs me lopen terwijl ik daar met iemand stond te praten en ze niet zag.”  

Ook al hadden Molina en Frazier de binnenkomst van Baker niet opgemerkt, anderen hadden dat wel. Vanuit zijn kantoor een eind verderop keek inspecteur der Posterijen Harry Holmes met een verrekijker naar de gebeurtenissen op Elm Street en zag een politieman het Schoolboekengebouw binnen rennen. Ook Billy Lovelady (ook een collega van Oswald) zag dat, net toen hij in de richting van Elm Street was gaan lopen: “Ik keek achterom en ik zag hem [Truly] en de politieagent het gebouw in rennen.” Tot slot zag ook Jackson (de fotograaf die naast Couch in de auto zat) een agent het Schoolboekengebouw binnen rennen. De schatting (dat Baker 25 seconden na het laatste schot bij het Schoolboekengebouw was aangekomen) komt aardig overeen met die van Joe Molina:

Ball: “Stond u op de treden voor het gebouw?”

Molina: “Ja, op de bovenste trede.”

Ball: “U zag Truly naar binnen gaan?”

Molina: “Yeah.”       

Ball: “Toen stond u daar nog?”

Molina: “Ja.”

Ball: “Hoe lang was dat nadat u de schoten hoorde?”

Molina: “Oh, Ik schat dat het misschien 20 of 30 seconden daarna was.”

Bron: Bijlagen Warren Report, deel 6, p. 372; verhoor op 7 april 1964.

Baker en Truly rennen door de lobby en de inpakafdeling

Vlak voor de trappen die naar de ingang van het Schoolboekengebouw leiden, stond Truly:

“Hij [Baker] rende vlak langs mij. En hij duwde mensen opzij. hij duwde een aantal mensen opzij voor hij bij mij was. Ik zag dat hij er aan kwam geloof ik. Toen hij de trap oprende. Ik bedoel het stoepje. Ik was bijna bij het stoepje, ik rende er bij op en had hem ingehaald. Ik geloof dat ik hem inhaalde in de lobby van het gebouw of mogelijk al op de treden voor het gebouw, zo precies herinner ik me het niet.  Maar ik herinner me dat het bij me opkwam dat deze man naar het dak van het gebouw wilde. Hij kent het gebouw niet. En dat is – dat schoot mij te binnen, en ik rende met hem naar binnen. (…) Toen we in de lobby kwamen, bijna binnen op de begane grond, vroeg deze agent mij waar de trap was. En ik zei: “Deze kant op.” En ik rende diagonaal naar de noordwest hoek van het gebouw.”

Bron: Bijlagen Warren Report, deel 3, p. 221; cursiveringen toegevoegd; verhoor op 24 maart 1964.

Er was bij de ingang van het gebouw, getuige Truly’s weergave, amper sprake van overleg. Voor zover dat wel gebeurde, vond dat onder het rennen plaats. Daar hoeven we geen tijd voor in rekening te brengen. Volgens Truly renden ze de zeven treden van de trap op: daarvoor rekenen we twee seconden.

Afbeelding 3: Plattegrond van de begane grond van het Schoolboekengebouw. Baker en Truly renden door de lobby en vervolgens diagonaal over de inpakafdeling naar de liften. Toen Truly merkte dat de lift niet naar beneden kwam, rende hij, gevolgd door Baker, de trap op. De afstanden die overbrugd moesten worden kunnen worden nagemeten met behulp van de liniaal onder de plattegrond: 10,5 meter (35 feet) door de lobby en 20 meter (60 feet) diagonaal over de inpakafdeling naar de liften. Bron: Warren Report p. 148; route Baker en Truly toegevoegd.

Getuige de plattegrond bedroeg de afstand door de lobby 10,5 meter. Toen Truly in zijn haast de deur probeerde te openen, klemde die en botste Baker tegen hem op. Voor de vertraging door die botsing rekenen we twee seconden. Alhoewel Truly als Baker beiden zeiden dat ze hadden gerend, houden we het voorzichtigheidshalve op een gemiddelde snelheid van 6 km. per uur. Ze moesten immers na de botsing opnieuw op snelheid komen. Zo komen we op een tijd van zeven seconden. Er zijn volgens de plattegrond (zie Afb. 3) nog twee deuren in de lobby, maar daar wordt in de verhoren niets over gezegd, dus zullen die open hebben gestaan.

Als we door de lobby zijn gekomen, staat de teller op 25 plus 11 = 36 seconden. Van de lobby naar de liften is een afstand van 20 meter. Die kan, uitgaande van een snelheid van 7 km. per uur, in 10 seconden worden overbrugd. Dit is de enige keer dat ze ongehinderd konden rennen. En rennen deden ze volgens Truly, maar Baker sprak over een “snelle draf.” Baker was 30 jaar, Truly al in de 50: dat verschil in leeftijd (en fitheid) zal mede het verschil in beleving van het tempo hebben verklaard.

Het oponthoud bij de liften

Als ze bij de liften zijn aangekomen, staat de teller op 46 seconden: 36 seconden plus de 10 seconden om diagonaal over de inpakruimte te rennen. Dan komt het moeilijkste te reconstrueren onderdeel van de tocht van Baker en Truly: de tijd die zij doorbrachten bij de liften. De beide liften stonden volgens Truly nog op de 5e verdieping en ondanks zijn roepen en twee maal op de knop drukken, kwamen zij niet naar beneden. Daarna renden ze naar de trap. Het is onduidelijk hoeveel tijd dit op 22 november had gekost. Eddie Piper, een van de werknemers, stond bij de liften en sloeg de activiteiten van de beide heren gade, maar tijdens zijn verhoor werd hem niet gevraagd hoe lang ze daar bezig waren geweest. Het is merkwaardig dat ook Truly en Baker niet om een schatting werd gevraagd hoe lang het oponthoud bij de liften had geduurd. Hoe had Belin op 20 maart ooit een betrouwbare reconstructie kunnen maken zonder dit te checken?

We volgen op dit punt de nauwkeurige reconstructie van Flip de Mey: hij geeft Baker en Truly in totaal 17 seconden voor het overleg en het wachten bij de liften. Hij verdeelt dat als volgt: Truly drukte twee maal op de lift knop (vijf seconden), riep twee maal naar boven en wachtte op een reactie (acht seconden) en toen Baker zei: “Laten we de trap nemen”, reageerde Truly met “O.K.” (vier seconden). Truly rende onmiddellijk naar de trap een paar meter verderop. We rekenen drie seconden voor de 5 meter (15 feet) naar de trap. Weer even rekenen: 46 seconden (toen ze bij de liften waren aangekomen) plus 17 seconden oponthoud en drie seconden om naar de trap te rennen. Zo staan Baker en Truly na 66 seconden onder aan de trap. Daarbij moet worden bedacht dat Baker zo snel mogelijk naar het dak wilde op zoek naar de mogelijke schutter. Veel gedraal paste daar niet bij.

Afbeelding 4: Plattegrond van deel van de 1e verdieping van het Schoolboekengebouw.  Het kruisje in het trapportaal vlak bij de deur van de vestibule (de bijna driehoekige ruimte in het midden van de afbeelding), geeft de plek aan waar Baker voor het eerst Oswald zag nadat hij de deur had geopend. Toen Truly (die voorop liep) bijna bovenaan de trap kwam en het portaal kon overzien, zag hij daar niemand. Bron: Warren Rapport, p. 150.

De trap telde 2 maal 9 treden met een plateautje er tussen. Nu bevond zich, getuige afb. 4, tussen het trapportaal en de lunchroom nog een kleine, bijna driehoekige ruimte: de vestibule. Truly hoefde niet de hele trap op te gaan: hij had, als hij bijna boven aan de trap was, de vestibule deur al in het oog. Truly kon dus zien of er iemand naar de vestibule liep, maar hij zag niemand. Vijf seconden krijgt Truly van De Mey en Griffith om bijna boven aan de trap te komen. Wij doen er een seconde bij: het was niet de fittere Baker die voorop liep, maar de veel oudere Truly. En daar stopt onze tijdmeting: Oswald was immers al in de lunchroom. Zo komen we op 72 seconden uit. We zetten de gevonden tijden nog even in een tabel.

Afbeelding 5: Tijdschema op 22 november 1963: Baker en Truly rennen in 72 seconden naar de eerste verdieping van het Schoolboekengebouw.

De berekeningen van De Mey en Griffith verschillen met de uitkomst van onze  reconstructie. De Mey komt uiteindelijk op 76 seconden uit: hij rekent ook enkele seconden voor overleg tussen Baker en Truly voor de ingang van het Schoolboekengebouw, maar getuige Truly’s beschrijving was dat er amper. Griffith geeft verschillende scenario’s en komt daarbij uit op circa 60 seconden. Maar hij laat de beide heren wel erg hard rennen en rekent slechts tien seconden voor het oponthoud bij de liften en het rennen naar de trap.

Conclusie

Door de afstanden te meten en de snelheid van Baker en Truly te schatten, kunnen we een deel van hun route op betrouwbare wijze reconstrueren. We hebben hen eerst 6 km. per uur laten lopen en toen ze ongehinderd over de inpakafdeling renden hebben we de snelheid op 7 km. per uur gesteld. Het heeft weinig zin om hen nog wat sneller te laten rennen: veel meer dan twee seconden zal dat niet schelen. Het oponthoud bij de liften berust daarentegen op een grove schatting, die, gezien Baker’s haast om het dak te bereiken, mogelijk wat te ruim is genomen.

Belin’s reconstructie op 20 maart 1964 kwam uit op 75 seconden, maar die rammelde aan alle kanten. Zo had Belin bij de reconstructie op 20 maart te weinig tijd (slechts 15 seconden) gerekend voor de route die Baker aflegde om de ingang van het Schoolboekengebouw te bereiken. Op basis van het filmpje van Couch en zijn mededelingen tijdens het verhoor kon Roffman dat al in 1975 rectificeren door er 10 seconden extra voor te rekenen. Vreemd genoeg heeft Belin het filmpje niet gebruikt voor zijn reconstructie. Mogelijk kwam dat mede omdat het verhoor van Couch (overigens door Belin zelf afgenomen) pas twee weken na de reconstructie plaats vond. Belin zal het als verloren moeite hebben beschouwd om dit verder uit te zoeken.

Maar de tien seconden die Belin er hierdoor in het begin van zijn reconstructie bij krijgt, gaan er aan het eind weer grotendeels af omdat de stopwatch (gemiddeld) negen seconden te lang doorliep (zie deel 13 van deze serie). Uit de ondervraging door de Warren Commissie bleek dat de tijdopname pas was gestopt toen ook Truly in de lunchroom was aangekomen. Maar Truly had negen seconden eerder de vestibuledeur op de eerste verdieping al in het vizier en had Oswald toen niet gezien. De werkelijke tijd van Belin’s reconstructie bedraagt dan 76 seconden.

Daarmee komt de gecorrigeerde tijdmeting van Belin precies overeen met die van De Mey (76 seconden) en in de buurt van de onze (72 seconden). Dus kunnen we veilig aannemen dat de route die Baker en Truly aflegden, echt niet meer dan 76 seconden heeft gekost. De tijd die Oswald nodig gehad zou hebben om van het raam op de 5e verdieping (van waaruit op Kennedy geschoten zou zijn) naar de lunchroom te rennen, werd twee keer door David Belin gemeten. De eerste keer kwam hij uit op 78, de tweede keer ging het wat sneller: in 74 of 75 seconden. Uitgaande van onze reconstructie had Oswald dus een alibi, maar dan wel op het nippertje. In de twee volgende delen van deze serie proberen we na te gaan hoe sterk Oswald’s alibi  in werkelijkheid was.

Bronnen

Literatuur: Warren Report p. 152-153; Harold Weisberg, Whitewash: The Report on the Warren Report (Hyattstown 1965); David W. Belin, November 22, 1963: You Are the Jury (New York 1973) p. 258-268; Howard Roffman, Presumed Guilty: Lee Harvey Oswald in the Assassination of President Kennedy (New Jersey 1975), 201-209; Michael T. Griffith, The Baker-Oswald Encounter: Proof That Oswald Did Not Shoot JFK?, www.maryferrell.org, geraadpleegd op 2 augustus 2023; Flip De Mey, Cold Case Kennedy (Tielt 2013), p.348-351; Frank A. Cellura, Perpetual Cover-Up: President John F. Kennedy’s Assassination Mystery (z.pl. 2018), p. 205-247.

Verhoren: Robert Jackson (2H 155-164 – 10 maart); Bull Wesley Frazier (2H 233-237 – 11 maart 1964); Roy Truly (3H 212-241 – 24 maart); Marrion Baker (3H 242-270 – 25 maart); Malcolm Couch (6H 153-162 – 1 april); Harry Holmes (7H 289-308 – 2 april); Joe Molina (6H 368-373 – 7 april); Billy Lovelady (6H 336-341 – 7 april); Eddie Piper (6H 382-386 – 8 april); beëdigde verklaring Marrion Baker (7H 592-593 – 11 augustus 1964).

Herkomst afbeeldingen:

afb. 1: Dallas (Tex.) Police Department. November 22, 1963,       

https://texashistory.unt.edu/ark:/67531/metapth338859/m1/1/?q=%22sixth%20floor%22:

University of North Texas Libraries, The Portal to Texas History, https://texashistory.unt.edu; crediting Dallas Municipal Archives.

afb. 2: Allen, William. [Dallas Police officers exiting the Texas School Book Depository], photograph, November 22, 1963; (https://texashistory.unt.edu/ark:/67531/metapth184787/m1/1/: University of North Texas Libraries, The Portal to Texas History, https://texashistory.unt.edu; crediting The Sixth Floor Museum at Dealey Plaza.

Plan voor de volgende delen

  • deel 15: Reconstructie door David Belin van tijd die het Oswald gekost zou hebben om van de 5e verdieping de lunchroom op de eerste verdieping te bereiken.
  • deel 16: Reconstructie van de tijd die het Oswald gekost moeten hebben om van de 5e verdieping de lunchroom op de eerste verdieping te bereiken.
  • deel 17: Vondst van de papieren zak (waarin het geweer door Oswald vervoerd zou zijn) op de 5e verdieping.
  • deel 18: Het ontbrekende uur: Oswald op het politiebureau te Dallas tussen 2 tot 3 uur op vrijdagmiddag 22 november.
  • deel 19: Ondervragingen van Oswald op 22, 23 en 24 november 1963.